Een arts moet de uitvoering van een late zwangerschapsafbreking (LZA), levensbeëindiging bij pasgeborenen (LP) en levensbeëindiging bij kinderen van 1 tot 12 jaar (LK1-12) melden aan de beoordelingscommissie. Deze beoordeelt het handelen van de arts (mede) op basis van de Regeling beoordelingscommissie late zwangerschapsafbreking en levensbeëindiging bij pasgeborenen en kinderen 1-12 jaar. 

De beoordelingscommissie kan een melding alleen beoordelen als alle gegevens compleet zijn. Daarom worden bij een melding de noodzakelijke medische (persoons)gegevens aan de beoordelingscommissie verstrekt. De arts vraagt hiervoor om uw toestemming. Deze toestemming is een noodzakelijk onderdeel van de procedure.

Publicatie

Nadat de beoordelingscommissie een melding van LZA, LP of LK1-12 heeft beoordeld, komt zij tot een oordeel. In het oordeel staat of aan de zorgvuldigheidseisen is voldaan. Het oordeel wordt aan de arts verstuurd. Ook gaat het oordeel verplicht naar het Openbaar Ministerie. Als het oordeel onzorgvuldig is, gaat het oordeel ook naar de Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd.

Daarna wordt het oordeel geanonimiseerd en samengevat. Dit wordt op de website van de LZA/LP&K gepubliceerd. Dat doet de beoordelingscommissie omdat zij transparant wil zijn en artsen en ouders inzicht wil bieden in haar oordelen. Per jaar worden de geanonimiseerde oordelen samengevat opgenomen in haar jaarverslag.

Meer weten?

Meer informatie over levensbeëindiging bij kinderen vindt u op de website van het Kenniscentrum Kinderpalliatieve Zorg.